Turks spreekwoord: De beer kent negen liedjes; ze gaan allemaal over honing.
Nieuwe maan

Volgende volle maan:
4 juni - 23u49

Van Doorne, Kobus (1924)

Kobus Van Doorne is ongetwijfeld de grootvader van de Alexandrijnse hekserij in Nederland en Vlaanderen. Alle actieve Alexandrijnse covens stammen af van de moedercoven die hij en Elsy Kloeg op het einde van de jaren '70 oprichtten. De coven van Kobus en Elsy was niet de eerste Alexandrijnse coven in Nederland. Kobus zelf werd op 11 februari 1979 ingewijd in een coven in Doetinchem. Een groot deel van zijn opleiding kreeg hij echter van Alex en Maxine Sanders in Londen.

Kobus beschreef mij zijn eerste ervaring met de Wicca in een brief, waarvan ik de lezer de inhoud niet wil onthouden.

Ik was in 1962 in Noorwegen voor een skivakantie. Op een dag dat er een sneeuwstorm woedde en er aan skieën niet viel te denken, besloot ik de tijd te benutten door een bezoek te brengen aan de dichtsbijzijnde fjord. Ik nam de trein naar Vattnahalsen en stapte daar over op het treintje dat, door in de rots uitgeboorde tunnels, naar het dorpje Elan reed, aan de kop van de Sognefjord, zo'n negenhonderd meter lager.
Daar, op zeeniveau, was er van de sneeuwstorm op de hoogvlakte niets te merken. Het motregende en het was er windstil. De weinige passagiers van het treintje waren in een oogwenk verdwenen. Een deel verdween in het dorp, de rest stapte over op de veerpont naar Balestrand, die klaar lag voor de kop van het stationnetje.
Er liep een voetpad langs de kop van de fjord. Dat bleef ik volgen tot het dorp uit het zicht was en de veerboot om een hoek van de fjord verwenen was.
Op een punt gekomen waar het uitzicht wijds was, stond ik stil om te genieten van al de kleuren grijs om mij heen: Het loodgrijs van het diepe fjordwater, het granietgrijs van de fjordwanden die er loodrecht uit opstegen en het lichtgrijs van de regenwolken die daar tegenaan hingen.
Toen overkwam het mij dat ik als persoon oploste en één werd met het onpeilbare water, de rotswanden en alles wat daarachter lag, en de mistige wolken. Ik voelde een oneindige vreugde, meelevend met alles dat van het leven genoot en floreerde, en tegelijkertijd een oneindige droefheid, meevoelend met alles wat de strijd om het bestaan aan het verliezen was. Ik schrijf nu wel 'ik', maar 'ik' was er niet meer, opgelost in een grotere persoonlijkheid, en wel in een vrouwelijke persoonlijkheid: Moeder Aarde.
'Ik', of wat daarvan over was, moet lange tijd roerloos als een reiger aan de rand van de fjord hebben gestaan. Het gebonk van de motor van de veerboot die van Balestrand terugkwam, maakte een eind aan mijn afwezigheid en toen ook de boordlichten van de veerboot om de hoek van de fjord verschenen -het was inmiddels donker geworden- was ik weer helemaal mijzelf. Ik liep terug naar het station waar het bergtreintje klaar stond om de passagiers van de veerboot op te vangen.
Terug in Nederland sprak ik met niemand over deze ervaring omdat ik bang was dat het een vakantieverhaaltje zou worden dat de echte ervaring zou gaan verdringen.
Maar het bleef me bezig houden, temeer omdat ik in die tijd atheïst was en helemaal niet op zo'n ervaring uit was. Ik vond mystieke toestanden aanstellerij en godsdienst opium voor het volk. Ik moest mijn opstelling na deze ervaring herzien en ging op zoek. De bestaande kerkgenootschappen in Nederland hadden uitsluitend Heregoden in de aanbieding en hadden weinig of geen belangstelling voor de natuur. Ik moest het dus in het alternatieve circuit zoeken.
In 1972 bracht ik een korte vakantie door in Londen. In de Atlantis Bookshop kocht ik een tijdschrift over occult Londen. Toen ik het, teruggekeerd in het Park Court Hotel, doorbladerde, viel mijn oog op een advertentie: 'Witchcraft open meetings, monday 8 pm., Maxine Sanders, 13A Clanricarde Gardens.' Het bleek toevallig vlakbij het hotel te zijn waar ik logeerde en het was toevallig ook maandag. Dit leidde tot een tweede vreemde ervaring: Het kwam mij voor dat ik alles wat ik daar hoorde al wist, maar vergeten was.
Ik vroeg Maxine het adres van een coven in Nederland en daar ben ik, na een lange opleiding, op 11 februari 1979 ingewijd. Vlak daarna kreeg Yet Baas -een geboren heks die ook op zoek was- haar eerste inwijding, en als derde Elsy Kloeg, met wie ik toen samenwoonde. Alex Sanders was in die tijd onze inspirator. Hij voorzag ons groepje van alle tempelattributen die nodig waren om een eigen coven te beginnen en we mochten van hem kopiëren wat we wilden. Deze coven is de moedercoven geworden van bijna alle Alexandrijnse heksen in Nederland.

Kobus heeft nu geen eigen coven meer. Hij beleeft de Wicca in z'n eentje, of zoals hij het zelf omschrijft: "Als een heks op een mooie zomerdag door de duinen naar zee fietst en daarbij dankbaar geniet van het moois om haar heen, dan fietst zij een ritueel op haar eentje. Sprakeloos."

Alle teksten uit ABRACADABRA - lexicon van de moderne hekserij: © Jan de Zutter