chanten
Chanten betekent letterlijk psalmodiëren, maar omdat dit woord teveel met de christelijke ritussen in verband gebracht wordt, gebruiken heksen meestal een vernederlandste versie van het Engelse 'to chant', namelijk chanten.
Chanten is het eentonig en ritmisch herhalen van klanken of eenvoudige liedteksten, al dan niet gecombineerd met het geluid van ratels en trommels of met dansen. Het repetitieve karakter en de eentonigheid zorgen ervoor dat een hypnotische staat wordt bereikt. Chanten is een oud gebruik waarvan sporen terug te vinden zijn bij natuurvolkeren, in sjamanistische tradities, en dichter bij huis, in de culturen rond de Middellandse-Zee. Het woord chant zelf stamt van het latijn cantare, dat zowel zingen als betoveren betekent, waarmee in het woord zelf de band tussen zang en magische krachten gelegd wordt. To enchant betekent overigens betoveren en in het Spaans is de incantador de tovenaar.
Een van de oudste klankgroepen die gebuikt werd in magische praktijken is de 'IAO' die ritmisch herhaald werd, gezongen, gehuild of geroepen. Chants kunnen ook intuïtief ontstaan door klanken te laten opborrelen. Als er teksten gebruikt worden, gaat het meestal om korte magische oproepingen of spreuken die steeds herhaald worden. Ook namen van goden of godinnen kunnen gechant worden. Een van de bekendste heksenchants luidt als volgt:
Ook het refrein van de heksenrune wordt vaak gechant:
Eko, Eko, Zamilak
Eko, Eko Karnayna
Eko, Eko Aradia
Het chanten gebeurt vaak tijdens een rondedans waarbij het ritme van de chant en de dans steeds wordt opgedreven tot een toestand van trance of een veranderde staat van bewustzijn wordt bereikt.
Alle teksten uit ABRACADABRA - lexicon van de moderne hekserij: © Jan de Zutter